De geschiedenis van het Genneper Huys
Het Genneper Huys was een strategische burcht gelegen bij de monding van de Niers in de Maas, nabij het stadje Gennep. Hoewel er tegenwoordig weinig meer dan enkele verhogingen en kroonwerken zichtbaar zijn, was het ooit een imposante vesting met een lange en bewogen geschiedenis. Het gebied heeft inmiddels de status van beschermd monument.
Oorsprong
De oorsprong van het Genneper Huys gaat vermoedelijk terug tot de Romeinse tijd, toen het diende als een fortificatie binnen de limes, de noordgrens van het Romeinse Rijk. De gunstige ligging, waar belangrijke wegen en waterwegen elkaar kruisten, maakte het een strategisch punt. Later, tijdens de Frankische periode (vanaf circa 400 na Christus), groeide de invloed van de Franken en trok de Romeinse overheersing zich langzaam terug. Sporen van Frankische bewoning zijn teruggevonden op de nabijgelegen Stamelberg (Gennep).
Het Genneper Huys werd in 1012 voor het eerst expliciet vermeld als ‘municiunculum Ganipe’ en diende als verblijfplaats voor de Heren van Gennep. Latere belangrijke figuren uit deze adellijke familie waren onder andere Norbertus van Gennep, de heilige en oprichter van de Norbertijnen, Jutta van Gennep, de eerste abdis van het klooster Grevendaal bij Asperden, en Willem van Gennep, aartsbisschop van Keulen. Na het uitsterven van de heren van Gennep in de 14e eeuw kwam het kasteel via de Hertogen van Gelre uiteindelijk in handen van het hertogdom Kleef.
Onder Kleefs gezag
Hoewel Kleef al in 1424 zeggenschap over Gennep kreeg en in 1431 de eerste drost aanstelde (Jan van Byland) om het gebied te besturen, werd de leen van Gennep pas definitief onderdeel van Kleef toen keizer Frederik III van Duitsland dat aan Johan van Kleef in 1449 bevestigde. De burcht werd beschreven als een carrévormige vesting met vier torens, een grote zaal, een kapel, en diverse bijgebouwen zoals een smidse, een molenhuis en een tolkantoor. Door de strategische ligging tussen Opper- en Neder-Gelre werd het Genneper Huys in de 16e eeuw versterkt onder Kleef en later onder Karel V.
80-jarige oorlog
Tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) werd het Genneper Huys meerdere keren belegerd en veroverd. Zowel de Spaanse als de Staatse troepen wisselden het bezit van de vesting regelmatig af. In 1598 namen de Spanjaarden het kasteel in, maar al snel werd het weer heroverd door de Staatsen. In 1602 viel het definitief in handen van Maurits van Nassau, de latere Prins Maurits van Oranje. Tijdens het Twaalfjarig Bestand (1609-1621) werd de vesting neutraal verklaard, maar de spanningen bleven bestaan.
In 1635 veroverden de Spanjaarden, onder leiding van de Ierse kolonel Thomas Preston, het Genneper Huys opnieuw en versterkten het met extra kroonwerken. De Staatsen, onder leiding van Frederik Hendrik, zagen het strategische belang en belegerden de vesting in 1641. Met een leger van 19.500 soldaten en een uitgebreide circumvallatielinie (verdedigingswerk gebouwd door belegeraars om uitbraken of voedsel-/troepenaanvoer te voorkomen) wisten ze de Spaanse troepen te isoleren. Op 27 juli 1641 gaven de Spanjaarden zich over en bleef het Genneper Huys in Staatse handen tot 1672.
In 1672, tijdens de Hollandse Oorlog, veroverden de Fransen onder Lodewijk XIV het kasteel zonder slag of stoot, omdat de Nederlandse troepen zich hadden teruggetrokken achter de Hollandse Waterlinie. Na een korte bezetting verlieten de Fransen Gennep, maar vernietigden een groot deel van het Genneper Huys. In 1675 herstelden de Hollanders de vestingwerken deels.
Fransen blazen het Genneper Huys op
Tijdens de Spaanse Successieoorlog in het begin van de 18e eeuw vielen de Fransen opnieuw binnen en namen het Genneper Huys in. In 1713 bliezen ze het kasteel volledig op voordat ze zich terugtrokken. De stenen werden hergebruikt voor huizenbouw in Gennep en ter versterking van de Maasoevers. Wat overbleef, waren enkele huizen en een klein tolkantoor.
Ruïne
Tijdens de 18e en 19e eeuw verviel het terrein steeds verder. Rond 1850 waren er nog enkele gebouwen zichtbaar, maar tegen de 20e eeuw was het Genneper Huys grotendeels verdwenen, enkel herkenbaar als een ruïneachtige molshoop. In de 20e en 21e eeuw werden de contouren van de vesting opnieuw blootgelegd en toegankelijk gemaakt voor toeristen. Sinds 2010 is het Genneper Huys in beheer bij Staatsbosbeheer en blijft het een herinnering aan de bewogen geschiedenis van de regio.
Bronnen
Rien van den Brand, Teun Theunissen




